Provincie                              
 
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
     
 
  
AANTEKENEN
 
 
Aan het College van Gedeputeerde Staten
van de Provincie Noord-Holland
Postbus 123
2000 MD Haarlem
 
 
Ouderkerk aan de Amstel, 14 juli 2009
 
Betreft: Bezwaar ex art 6.2. Algemene Wet Bestuursrecht
 
Zeer geacht College,
 
Met onze brief van 24 april j.l. verzochten wij Uw College met beroep op de Wet Openbaarheid van Bestuur om ons bepaalde informatie ter beschikking te stellen (zie Bijlage I paragraaf 9). Met onze brief van 29 juni j.l. herinnerden wij U aan ons verzoek en maanden wij U binnen een termijn van 2 weken te antwoorden (zie Bijlage II). Inmiddels is ook die termijn verstreken. 
 
Wij maken thans bezwaar tegen het niet tijdig nemen van een besluit in de zin van art. 6.2. Algemene Wet Bestuursrecht ter zake van  onze bovengenoemde verzoeken.
 
Uw uitspraak op bezwaar zien we tegemoet.
 
Hoogachtend
 
Stichting De Ronde Hoep (i.o.)
 
 
 
 
 
W.J.Aalders (voorzitter)
 
 
cc:
Provinciale Staten van de Provincie Noord-Holland
Dagelijks Bestuur van het Hoogheemraadschap Amstel,Gooi en Vecht
Gemeenteraad van Ouder-Amstel
Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Ouder-Amstel
 
 
 
BIJLAGE II bij het bezwaarschrift van 12 juli 2009 van Stichting De Ronde Hoep (i.o.) aan het College van Gesdeputeerde Staten van de Provincie Noord Holland
 
 
Waver 37B, 1191KH
Ouderkerk aan de Amstel
Tel.     : 0294-283430
Mob    : 06-29517636
E-mail : alfa.aalders@wanadoo.nl
 
 
 
AANTEKENEN
 
 
Aan het College van Gedeputeerde Staten
van de Provincie Noord-Holland
Postbus 123
2000 MD Haarlem
 
 
 
 
Ouderkerk aan de Amstel, 29 juni 2009
 
 
Zeer geacht College,
 
Hiermede mogen wij U herinneren aan onze brief van 24 april j.l. waarin wij U met beroep op de Wet Openbaarheid van Bestuur (WOB) verzochten om ons bepaalde informatie te doen toekomen. Voor de goede orde zenden wij U bijgaand een kopie van deze brief.
 
Behalve de in die brief gevraagde informatie verzoeken wij U hierbij ons eveneens documenten en bescheiden te doen toekomen met betrekking tot de door U en/of het waterschap en/of andere met U samenwerkende (advies)organisaties en/of –instellingen overwogen en in concept opgestelde schadevergoedingsregelingen met betrekking tot calamiteitenberging in onze polder.
 
Voor de goede orde merken wij op dat onze verzoeken betrekking hebben op documenten en bescheiden daaronder begrepen (doch niet bij uitsluiting van andere informatie) interne notities zoals (doch niet uitsluitend) notulen, memoranda en andere (advies)notities.
Wij herinneren U eraan dat U op grond van art 6 lid 1 WOB 1 gehouden was/bent om zo spoedig mogelijk op ons verzoek te beslissen doch uiterlijk binnen twee weken na de dag waarop U ons verzoek heeft ontvangen. U kunt/kon Uw beslissing voor ten hoogste twee weken verdagen. Van die verdaging behoort c.q. behoorde U voor afloop van eerstgenoemde periode van twee weken schriftelijk gemotiveerd aan ons mededeling te hebben gedaan. Lid 2 van hetzelfde artikel stelt dat verstrekking van de informatie ( Onverminderd het derde lid) zo spoedig mogelijk dient te geschieden, doch uiterlijk binnen vier weken na ontvangst van het verzoek. Indien de omvang of de gecompliceerdheid van de informatie een verlenging rechtvaardigt, kan deze termijn worden verlengd met ten hoogste vier weken. Van de verlenging wordt voor de afloop van de eerste termijn schriftelijk gemotiveerd mededeling gedaan aan de verzoeker.
Graag vernemen wij van U wanneer U op ons verzoek heeft beslist en waarom wij tot op heden nog geen (gemotiveerd) bericht van U ontvingen.
Ten slotte verzoeken wij U ons voorafgaand aan toezending van de gevraagde informatie te informeren welke kosten met een en ander zijn verbonden en op welke wijze die kosten kunnen worden verminderd en/of gedeeltelijk kwijtgescholden of geretourneerd.
Al met al verzoeken wij U met de grootst mogelijke nadruk en manen U om ons de gevraagde informatie binnen twee weken vanaf heden ter beschikking te stellen. Mochten wij Uw bericht binnen die termijn niet hebben ontvangen dan zullen wij U des geraden ter zake in rechte betrekken.
Hoogachtend
Stichting De Ronde Hoep i.o.
 
W.J. Aalders
(voorzitter)
 
cc:
Provinciale Staten van de Provincie Noord-Holland
Dagelijks Bestuur van het Hoogheemraadschap Amstel,Gooi en Vecht
Gemeenteraad van Ouder-Amstel
Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Ouder-Amstel
 

 
 
BIJLAGE I bij het bezwaarschrift van 12 juli 2009 van Stichting De Ronde Hoep (i.o.) aan het College van Gesdeputeerde Staten van de Provincie Noord Holland
 
 
 
 
1191 KH, Waver 37B
Ouderkerk aan de Amstel
Tel.     : 0294-283430
Mob    : 06-29517636
E-mail : alfa.aalders@wanadoo.nl
 
 
Aan het College van Gedeputeerde Staten
van de Provincie Noord-Holland
T.a.v. de Voorzitter
de Weledelgestenge heer A.M.C. Hooijmaijers
Postbus 123
2000 MD Haarlem
 
 
Ouderkerk aan de Amstel, 24 april 2009
 
 
Zeer geacht College,
 
De bewoners van de Ronde Hoep ontvingen recentelijk rechtstreeks informatie over Uw voornemen om onze polder aan te wijzen voor calamiteitenberging.
Wij nemen aan dat een nadere formele publikatie volgt in de daarvoor bestemde kanalen.
 
Wij spreken U aanop de kwaliteit van Uw taakvervulling zulks vooral in reactie op hetgeen U in Uw brief van 16 april jl. aan ons schrijft en in verkorte vorm in Uw persbericht van diezelfde datum aan het grotere publiek bekend heeft gemaakt. Dienaangaande volgen hierbij een aantal kritische kanttekeningen onzerzijds bij een aantal punten uit Uw brief.
 
1. Overleg met B&W Ouderamstel
 
U steltmede namens B&W van de gemeente Ouder-Amstel te spreken.
Het zal U inmiddels bekend zijn dat leden van de gemeenteraad van Ouder-Amstel grote bezwaren hebben tegen Uw besluit. Er is dus in casu zeker geen sprake van onverdeelde eensgezindheid tussen de door U genoemde overheden zoals U dat de bewoners doet voorkomen.
 
2. Overleg Hoogheemraadschap
 
Wij verzoeken U ons mede te delen of U zich over dit onderwerp recentelijk, dus na de waterschapsverkiezingen, en zo ja wanneer, heeft verstaan met en verzekerd heeft van de ondersteuning van het huidige dagelijks- en algemene bestuur van het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht. 
 
3. Ontwerp structuurvisie
 
U informeert in Uw brief de bewoners ten aanzien van een ontwerp-structuurvisie, waarvan belanghebbenden nog steeds geen kennis hebben kunnen nemen, terwijl de indiening daarvan in het kader van de ter visie legging van het ontwerp-Waterplan 2010-2015 was aangekondigd voor januari 2009.
Zulks mede in verband met een kennelijk noodzakelijke “koppeling” van genoemde ontwerp-structuurvisie en genoemd ontwerp-Waterplan. Hierdoor ontstaat onduidelijkheid over de procedurele gang van zaken en de mogelijkheden tot inspraak en bezwaar/beroep voor de belanghebbenden.
We achten deze gang van zaken onzorgvuldig.
 
4. Onrechtmatige besluitvorming
 
Voorts menen wij dat in het onderhavige geval sprake is van onrechtmatige impliciete besluitvorming. Immers, een eventuele keuze voor het treffen van maatregelen vooraf, mag op geen enkele wijze impliceren dat dan ook automatisch gekozen is voor gereguleerde inundatie.
In de visie van de Stichting is stap 1: treffen we maatregelen vooraf of niet, en in het bevestigende geval is stap 2: waaruit zouden die maatregelen dan moeten bestaan. De Stichting constateert dat tot nu toe de bewoners, eigenaren en gebruikers van de polder niet bij deze afzonderlijke stappen betrokken zijn geweest. Alleen één door de Provincie bepaalde uitkomst is in een tweetal informatieavonden per saldo dwingend aan hen voorgelegd. De Stichting pleit ervoor deze twee stappen opnieuw afzonderlijk en nu wel in overleg met de bewoners, gebruikers en eigenaren te nemen.
 
5. Inspraak
 
In Bijlage 1 van Uw brief spreekt U van een “informatieavond”, een “inloopavond” alsmede van “diverse overleggen en briefwisselingen”.
We willen U er hier nogmaals op attenderen zoals we dat al eerder hebben gedaan dat die informatieavond en verschillende van die overleg- bijeenkomsten niet als volwaardige “inspraak”-momenten kunnen worden genoteerd en dus ook niet als representatief overleg kunnen gelden dan wel als zodanig kunnen worden aangehaald.
 
6. Slibvervuiling bij inundatie
 
U stelt dat in het scenario van gecontroleerde inlaat het inlaatwerk dusdanig functioneert dat het ingelaten water ontdaan is van slib. U kent onze zorgen in dit verband en wij nemen dus aan dat hier bedoeld wordt “volledig” ontdaan van slib ("een beetje” of “wel wat” of “best veel” kan hier immers niet bedoeld zijn).
Het moge duidelijk zijn dat wij duiden op een situatie waarbij zelfs met schadevergoeding een verwildering van de polder als gevolg van verminderde agrarische activiteit niet kan worden voorkomen.
Wij hechten aan een overtuigende technische verklaring van Uw zo stellige mededeling en verzoeken U daarom – zo nodig met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur – om ons kopieën van de desbetreffende rapporten toe te sturen en onvoorwaardelijk te garanderen dat voor, bij of na inundatie inderdaad totaal geen slib of andere verontreiniging vanuit de Amstelboezem de polder kan en zal worden ingelaten.
 
7. Maximale inlaathoogte
 
U stelt dat “het inlaatwerk tijdig gesloten wordt, zodat het water in de Ronde Hoep gemiddeld 26 cm hoog komt (tot maximaal 70 cm in de diepste delen)”.
Dit kunnen wij niet begrijpen.
In de eerste plaats wijzen wij erop dat zulk een beslissing in geval van een calamiteit is voorbehouden aan de dan aangewezen regionaal verantwoordelijke “crisismanager”, die niet formeel gehouden is aan afspraken die dienaangaande gemaakt zijn tussen de provincie/gemeente en de bewoners.
Maar zelfs als de dan verantwoordelijke functionaris zich zou houden aan deze afspraken c.q. toezeggingen vragen wij ons af wat er gebeurt als het wateraanbod onverwacht (we hebben het immers over een calamiteit) hoger uitpakt dan de verwachte 2,4 miljoen m2. Blijft het inlaatwerk dan dicht of gaat het voortijdig dicht en waar moet het water dan naar toe? Zal een grotere inlaat dan nooit plaats vinden omdat de maalcapaciteit in de andere polders aan de Amstelboezem niet groter is en/of kan zijn dan nu het geval is en hoe kunt u dat voor nu en voor de toekomst garanderen?
En als die maalcapaciteit wel opgevoerd zou kunnen worden, hoe weet U dan op dit moment dat niettemin de inlaat niet groter zal zijn dan 2,4 miljoen m2?
In dit verband herinneren wij ons dat de dijkgraaf ons in het overleg van 22 april 2008 mededeelde dat "indien de omstandigheden dat vergen eventueel net zo’n grote hoeveelheid water zal worden ingelaten als die welke de polder zou binnenkomen bij het doorsteken van de dijken!".
Kortom: Welke zekerheid valt er voor de bewoners te ontlenen aan Uw “toezegging”, als de besluitvorming feitelijk niet onder Uw competentie zal komen te liggen en door het Hoogheemraadschap niet wordt ondersteund?
 
8. Microtunneling (“Aqua-tunneling”)
 
U stelt dat de Stichting De Ronde Hoep i.o. heeft voorgesteld de haalbaarheid te onderzoeken van “een microtunnel die overtollig water uit de Amstel afvoert naar het IJsselmeer”.
Dit is een onjuiste en en te beperkte weergave van onze voorstellen.
Wij menen dat Microtunneling een werkzaam onderdeel kan vormen van een set van alternatieve technische oplossingen voor de problematiek van een calamiteit.
 
Tijdens de bijeenkomst van 22 april 2008 en in de daaraan voorafgaande gespreksnotitie informeerden wij de gedeputeerde Kruisinga, de dijkgraaf de Bondt en de wethouder Pieterman dat de “aquatunneling” gedachte zeer kort gezegd neerkomt op het door middel van geboorde ondergrondse tunnels mogelijk maken van grootschalig transport van water. Zo stellig als U ons voorstel formuleert als “een tunnel naar het IJsselmeer” is er niet over gesproken. Voor de wijze waarop aan deze globale gedachte een realiseerbare vorm moet worden gegeven, dat wil zeggen in welke combinatie met ander technische maatregelen, waterloopverbredings-, -verbeterings- en -versnellingsmethoden een concreet plan zou moeten worden geformuleerd, hebben we toen geen invulling gegeven. Dat diende en dient in het tijdens die bijeenkomst door ons voorgestelde haalbaarheidsonderzoek te worden bestudeerd. Wij nodigden U uit om aan dat haalbaarheidsonderzoek deel te nemen. Tijdens genoemd overleg deelden wij de aanwezigen verder mede dat het oorspronkelijke idee was uitgebreid met, naast afvoer van overtollig water, ook de aanvoer van goed water ter vervanging c.q. verdringing van slecht water, alsmede de aanvoer en opslag van water ter compensatie van droogteperiodes. Provincie, Hoogheemraadschap en Gemeente toonden zich tijden de bespreking bij voorbaat sceptisch niet zozeer over de technische haalbaarheid als wel over de planmatige en financiële haalbaarheid. Niettemin verklaarden zij zich bereid de onderzoeksuitkomsten te betrekken in de definitieve besluitvorming. In een latere brief stelde de dijkgraaf mede namens Provincie en Gemeente niet bereid te zijn om aan een onderzoeksconsortium deel te nemen maar wel bereid te zijn om vanuit de overheden mee te willen denken.
 
Gelet op de tijdens de bespreking uitgesproken bereidheid van Uw kant om mee te denkenover de technische haalbaarheid van onze plannen, hebben wij contact opgenomen met de faculteit civiele techniek van de Technische Universiteit Delft die bevestigde dat onze plannen technisch inderdaad alleszins haalbaar zijn. Over de financiële en planmatige aspecten konden op dat moment door het nog zeer globale karakter van de plannen uiteraardgeen duidelijke uitspraken worden gedaan met dien verstande dat bij een multifunctioneel gebruik, zoals voorgesteld, de op de afvoer van overtollig water drukkende kosten uiteraard aanzienlijk gemitigeerd worden door de andere functies.
De contacten met de Technische Universiteit hebben zich inmiddels geïntensiveerd met als gevolg dat er nu tezamen met een van de grootste landelijk en internationaal opererende ingenieursbureaus een studiegroep is gevormd die de door allen haalbaar geachte (combinatie van) technische alternatieven (onder de voorlopige projectnaam “Aquatunneling”) onderzoekt.
Het verheugt ons in ieder geval om in Uw brief te lezen dat de technische haalbaarheid van microtunnelling voor U niet meer ter discussie staat, maar dat naar Uw mening de financiele en planmatige konsekwenties een haalbaarheids- onderzoek blokkeren.
 
9. Kostenvergelijking
 
Het moge duidelijk zijn dat wij tijdens de bespreking van 22 april 2008 zeer verbaasd waren dat de overheden staande de zitting al wisten dat onze plannen, die slechts zeer globaal waren gepresenteerd, financieel en planmatig niet haalbaar zouden zijn.
Wij verzoeken U - zo nodig met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur - om ons kopieën te doen toekomen van alle rapporten die door of in opdracht van de Provincie Noord-Holland en/of het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht (inclusief Waternet) en/of de Gemeente Ouder-Amstel zijn opgesteld over, althans ten grondslag liggen aan en/of dienstbaar zijn (geweest) bij, de bestudering van en/of concludering en/of de besluitvorming over alle door U onderzochte en/of “ingekeken” alternatieven ter voorkoming van calamiteitenberging en waaruit de door U gestelde conclusies blijken.
 
Bovendien verlangen wij – eveneens zo nodig met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur – inzicht in de begroting die ten grondslag ligt aan de de door voorgestelde inundatie- maatregelen alsmede de schatting en de haalbaarheid van de door U genoemde schadevergoedingen.
 
10. Schadevergoeding
 
In Uw brief wordt in uiterst vage termen gesproken over de schadevergoeding.Alleen al de tegenstrijdige uitspraken van Waterschap en Provincie over de verplichting tot vergoeding van 100% van de schade indien de polder nu reeds (dus vóórdat maatregelen zouden kunnen zijn getroffen) opzettelijk zou worden geïnundeerd, geven ons weinig aanleiding om te geloven dat hier sprake is van een eenduidige en scherp omschreven vergoedingregeling.
We wijzen derhalve op de afwezigheid van een betrouwbaar concept schaderegeling waarin, anders dan in het eerste concept wat ons onder ogen kwam van het Waterschap, de toegezegde 100% vergoeding, bewijslastomkering en “één loket” niet juridisch zijn “weggeschaafd”. We wijzen op de zeer onvoldoende gemotiveerde verzekering Uwerzijds dat de door ons gevreesde desastreuze beschadiging van de agrarische bedrijfsvoering in de polder als gevolg dan wel mede als gevolg van gebruik ervan voor calamiteitenberging niet zal plaatsvinden.
Wij wijzen ook op de door U genoemde planschade die aan geheel ander “loket” moet worden ingediend met een grote onzekerheid ten aanzien van de toekenning. In eerdere contacten is namelijk al van Uw zijde aangegeven dat U een dergelijke toekenning zeer onwaarschijnlijk acht.
U maakt de burgers hier blij met een dode mus, hetgeen dicht bij misleiding ligt. U kunt begrijpen dat waar grote bedrijfsmatige en civiele risico’s aan de orde zijn, dit een volstrekt onvoldoende basis is voor welk besluit dan ook.
Ook de Gemeenteraad van Ouderamstel heeft publiekelijk aangegeven dat op dit gebied duidelijkheid wordt ge-eist voordat aan een mogelijke besluitvorming kan worden gedacht.
 
Door al deze onduidelijkheden verzoeken wij U dringend deze brief op korte termijn en volledig te beantwoorden. Tevens verzoeken wij U voor alle zekerheid en mede tot behoud van rechten om deze brief en onze voornoemde inspraaknota te beschouwen en aan te merken als (onderdeel van ) (vooruitlopend) bezwaar tegen bedoeld Waterplan 2010-2015 alsmede als (onderdeel van)(vooruitlopende) inspraak inzake en/of bezwaar tegen de door U in januari jl. ter indiening aangekondigde doch niet ter inzage beschikbaar gestelde concept-structuurvisie terzake waarvan U inmiddels op het onderdeel calamiteitenberging in de Ronde Hoep op 24 maart jl.een besluit zou hebben genomen.
Wij menen dat U een onoverzichtelijke situatie heeft geschapen waaruit een normale burger geen wijs meer kan en wij missen de zorgvuldigheid die van een verantwoordelijke overheid mag worden verwacht.
 
Graag zien wij Uw antwoord en genoemde verklaringen en kopieën van bedoelde rapporten op korte termijn tegemoet en verzoeken U het door U genomen besluit in te trekken dan wel op te schorten totdat er genoegzaam en overtuigend materiële en formele helderheid en gronding in deze materie is gekomen.
 
Zoals steeds staan wij gaarne ter beschikking voor overleg.
 
Hoogachtend   
Stichting De Ronde Hoep (i.o.)    
 
 
 
Willem Jan Aalders
(voorzitter)
 
 
 
Kopieën verzonden aan:
 
Provinciale Staten van de Provincie Noord-Holland
Dagelijks Bestuur van het Hoogheemraadschap Amstel,Gooi en Vecht
Dijkgraaf van het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht
Gemeenteraad van Ouder-Amstel
Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Ouder-Amstel
 
© De Rondehoep, Deze pagina is het laatst gewijzigd op: 27-02-2010